Infrastructuur

Bakfiets niet altijd fiets

Iedereen kent hem wel, de bakfiets. Ooit was hij alomtegenwoordig in het straatbeeld als handig middel om allerlei waren te vervoeren. Nu zie je hem veel minder. Al is hij aan een retour bezig. In Nederland is het gebruik van de bakfiets reeds algemeen gangbaar. De bak kan zowel voor het vervoer van goederen als van (kleine) personen gebruikt worden. Soms zijn hiertoe zelfs zitjes en gordels in de bak aangebracht.

Ons verkeersreglement is niet altijd even duidelijk over de rol en de plaats van een bakfiets. Is het een fiets, of is het een groter voertuig? Stefaan Van Hecke ondervroeg bevoegd staatssecretaris voor Mobiliteit Etienne Schouppe (CD&V). De wegcode lijkt immers niet aangepast te zijn aan deze vervoersvorm, ook al is de bakfiets zelf helemaal geen nieuw fenomeen. Er is echter onduidelijkheid over de correcte toepassing van enkele verkeersregels. De discussie lijkt extra moeilijk te worden wanneer men rekening houdt met het bestaan van bakfietsen die slechts twee in plaats van drie wielen hebben.

Wat blijkt nu? Terwijl normale fietsen tegen de rijrichting van de auto's in mogen rijden in een eenrichtingsstraat, mag de bakfiets dat niet.

Daarnaast wordt de plaats van de bakfiets op de weg bepaalt door de breedte van de bak. Is die breder dan een meter, dan mag de fiets niet op het fietspad. Op dat moment wordt hij niet meer beschouwd als een normale fiets.

Je mag inderdaad kinderen of personen vervoeren in een bakfiets, indien deze met zitplaatsen is uitgerust. Er mogen niet meer personen worden vervoerd dan het aantal zitplaatsen dat is voorzien.

En wat met parkeren? Als er geen bestuurder op zit, gelden bakfietsen niet als voertuig. Ze moeten dus buiten de rijweg worden geplaatst. Dat kan op het trottoir of op een berm, als ze tenminste een strook van anderhalve meter openlaten. Het fijne daaraan is dat je dus geen parkeergeld moet betalen.

Lees hier het volledige antwoord van de staatssecretaris.