Vrije Tribune
Stiefmoeder over Brussel
- Gegevens
- Gepubliceerd op vrijdag 14 november 2008 15:15
Politicoloog Dave Sinardet stelde in zijn column (DS 12/11) fundamentele vragen bij Vlaams Minister voor Sport Bert Anciaux’ pogingen om louter om nationalistische redenen de Belgische Voetbalbond te splitsen. Uiteraard ontkende de minister een dag later (DS 13/11) dat zijn plannen om de KBVB op te delen in een Vlaamse en een Waalse liga ook maar iets met ideologie te maken hebben. Aan vieze woorden als ideologie of nationalisme maken heren van stand zich immers niet vuil. Helaas noemt de minister geen enkele gegronde reden waarom een splitsing nodig is om eindelijk de Vlaamse clubs volwaardig te ondersteunen. Die redenen zijn er dan ook niet.
Sinardet maakt zich bovendien terecht zorgen over de gevolgen van dit voorstel voor de 44 voetbalclubs in Brussel. Dat zijn immers clubs waar jong en minder jong uit meer dan 170 verschillende nationaliteiten en culturen samen komen om te voetballen, plezier te maken en mekaar (beter) te leren kennen. Zaken waar de minister allemaal wel voorstander van is, zoals hij uitvoerig schrijft in zijn reactie, maar mag het eventjes netjes opgesplitst? Want die Brusselse wirwar, dat staat “goed bestuur” alleen maar in de weg.
Hoewel Anciaux als Brusselaar het Gewest toch goed kent, erkent hij de nieuwe Brusselse realiteit niet. Of moeten we schrijven: wil hij die niet erkennen? Brussel en zijn inwoners ontwikkelen een eigen dynamiek, ja zelfs een eigen identiteit. Deze wordt niet in de eerste plaats bepaald door hun taal, maar door hun gezamenlijke gehechtheid aan de Brusselse smeltkroes.
Groen! wil die nieuwe realiteit een plaats geven. Waarom zou de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie (GGC) niet een actieve(re) rol kunnen spelen in het culturele en sportieve leven in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest? Waarom moeten we blijven volhouden aan een gemeenschapsdenken dat enkel uitgaat van Vlamingen en Franstaligen, terwijl er langzaam maar zeker een nieuwe, gemengde gemeenschap ontstaat in Brussel?
Anciaux huivert bij die gedachte. De Brusselse dynamiek erkennen leidt volgens hem tot een splitsing van het land in een Vlaanderen zonder Brussel en een Wallonië met. Misschien is dat wel te begrijpen vanuit de denkwereld van een nationalist / regionalist of hoe de Vl.Pro’ers zichzelf tegenwoordig ook noemen. Maar vanuit het standpunt van een federalist is dat onbegrijpelijk. Groen! streeft immers niet de splitsing van het land na, maar een volwaardig en modern federalisme.
Als Vlaanderen ophoudt Brussel stiefmoederlijk te behandelen, dan kan de Vlaamse Gemeenschapscommissie (VGC) zich ten volle ontplooien, dan kan de GGC, waar beide gemeenschappen samenkomen, meer worden dan een praatbarak en dan worden Brusselse voetbalclubs niet verplicht hun identiteit te ontkennen, maar kunnen ze integendeel voluit “Zinneke” zijn.
Dit alles hoeft overigens niet te beletten dat de Vlaamse Gemeenschap ook in Brussel haar verantwoordelijk opneemt. Het ontwikkelen van een sterke GGC kan immers perfect naast de verdere werking van de Vlaamse Gemeenschap en de Franse Gemeenschap in Brussel gebeuren. Op die manier creëer je pas echt een openheid voor alle culturen die de hoofdstad herbergt.
Minister Anciaux kan zonder enig probleem voetbalclubs ondersteunen. Hij kan hen daarvoor ook voorwaarden opleggen, zoals het ontwikkelen van een degelijke jeugdwerking, los van de vraag tot welke federatie een club nu behoort. Zijn collega van de Franse Gemeenschapsregering heeft dat al jaren geleden ontdekt.
Vlaanderen laat Brussel in onze groene visie niet los. Het erkent echter wel dat de hoofdstad geen kind meer is, maar een jongvolwassene die op eigen benen probeert te staan. Vlaanderen kan zo een emanciperende rol spelen. Niet als een strenge stiefmoeder die alles wil controleren, maar als een liefhebbende ouder die zijn kinderen helpt opgroeien. En dan maar hopen dat Louis Tobback niet weer komt klagen dat de zogenaamde “Dansaert-Vlamingen” met het Leuvense geld gaan lopen.